Kalender Regio Deelen

September 2010 Oktober 2010
Ma Di Wo Do Vr Za Zo
1 2 3 4 5
6 7 8 9 10 11 12
13 14 15 16 17 18 19
20 21 22 23 24 25 26
27 28 29 30

Dinsdag 30 juni 2009 - Regioavond: Lezing van dhr. D. Veerman

jvg_minuut_stilte.jpg


In een snikhete zaal vroeg voorzitter Ribbink de aanwezigen om een minuut stilte in acht te nemen om mevrouw Ada Rietmeijer, de vriendin van Henk konijnenberg, te gedenken die na een nootlottige ziekte die week was overleden.





Daarna werd overgegaan naar de lezing van de heer D. Veerman.

De heer D. Veerman heeft als student sociale geografie/planologie in het kader van zijn afstudeeronderzoek zijn bevindingen in een uiterst leerzaam en verhelderend boek "Vliegveld Deelen, van last tot lust?" opgeschreven. Het boek en de lezing gingen over de verloren gegane en nieuw bijgekomen cultuurhistorische elementen op en rond het huidige Militaire Luchtvaartterrein Deelen.
Er zijn door de bouw van het luchtvaartterrein Deelen in de veertiger jaren veel elementen verdwenen, maar er zijn ook veel elementen terug gekomen.
Na de oorlog wilde men zo snel mogelijk van het vliegveld af, maar gaandeweg kwam het inzicht dat er dan toch veel verloren zou gaan. Immers, Deelen is het enige overgebleven Duitse vliegveld in Europa dat geheel onbeschadigd gebleven is. Vreemd genoeg is dit veld pas heel laat door de Canadezen gebombardeerd, ondanks het feit dat dit Fliegerhorst een heel belangrijke rol speelde in de verdediging van Duitsland en de aanvallen op Engeland.



Geschiedenis
De Veluwe zoals we het nu kennen is in het Pleistoceen ontstaan. Zo´n 200.000 jaren geleden zijn de stuwwallen door de ijstijdgletschers ontstaan. Door erosie zijn zijn ze opgevuld met zand en het landschap was een soort toendra.
3000 jaar v. Chr. pleegde het zogenaamde trechterbekervolk landbouw en heeft hiermee eigenlijk het gebied onvruchtbaar gemaakt. Zij lieten een onvruchtbaar gebied achter.
Ongeveer 200 jaar v. Chr. heeft een Celtic volk grote velden voor jacht, akkerbouw en veeteelt gebruikt.
1000 n. Chr. had men de technologie van het uitstrooien van schapenmest over de onvruchtbare grond toegepast en kon men rogge verbouwen. Maar door de schapen ontstonden nog meer stukken kale grond.
Rond 1500 bleek, dat men heel veel hout nodig had voor huizen- en scheepsbouw. Door de ontbossing ontstonden grote kale plekken waarop de wind vat kreeg. Zo ontstond een zandwoestijn. Kootwijk bijvoorbeeld is toen geheel onder het zand verdwenen.
Men heeft hierop gereageerd door het planten van dennen.
Tijdens de Franse bezetting, rond 1800, heeft men veel grond aan grootgrondbezitters verkocht ter ontginning van de gronden.
Het zand het het wild probeerde men tegen te houden door wildwallen. Uniek zijn de gebiedsafbakeningen die men op de Veluwe vindt. Pollen en palen (boombeplantingen waardoor er met grenzen niet meer gesjoemeld kon worden), houtwallen (om beesten en zand weg te houden), wildwallen (twee meter hoge dijken waar men nog steeds op kan fietsen), ringalleen (weg met bomen aan de buitenkant) en rasters (de wildroosters).
Het hele gebied wordt doorkruist door allerlei soorten wegen. De Hessenwegen van oost naar west, de Hanzewegen die noord-zuid gericht zijn en de Koningswegen. Deze laatsten zijn een verhaal apart. Koning Willem III wilde jagen en had om gevolgd te worden door een meute honden zes meter brede wegen nodig die door de lokale boeren onderhouden moesten worden. En dat was niet naar hun goesting.
1910 kocht ene Kröller veel grond op ten behoeve van jachtvelden. Zijn Duitse vrouw Müller is toen met een museum begonnen.



De tweede wereldoorlog
In 1940 hebben de Duitsers 2000 ha grond in beslag genomen en begonnen met de aanleg van een Fliegerhorst. Er waren in het verleden wel wat vliegdemonstraties op de Veluwe geweest, maar de gemeente Arnhem vond het maar niks. Oorspronkelijk was het terrein aangelegd voor grenspatrouilles tijdens de Eerste Wereldoorlog. De boeren hebben vlak vóór de komst van de bezetter het hele veld omgeploegd, om eventuele landingen onmogelijk te maken. Maar de Duitsers kwamen over de weg…

Zij zijn toen begonnen met de aanleg van een groot Fliegerhorst. En dat maakt het vliegveldterrein van Deelen uiteindelijk van onschatbare cultuurhistorische waarde. Het is een schoolvoorbeeld van een militair vliegveld uit de periode 1910-1950. Men bouwde zodanig dat het vliegveld onzichtbaar was, het moest zelfvoorzienend zijn en moest zichzelf kunnen beschermen. Door de architectonische zogenaamde Heimatschutz-stroming heeft men de gebouwen aangepast aan de omgeving. Men bouwde zoals (men dacht dat) de mensen uit de omgeving bouwden. Ingeval van Deelen was dat dus bouwen met baksteen, dakpannen, kruisvensters met luiken en klinkerbestrating. De bescherming vond plaats door 55cm dikke muren en 2 cm dikke plaatstalen vensterluiken.

Bommenlijntje
In een maand tijd is het “Bommenlijntje” aangelegd waarmee men vanuit Wolfheeze brandstof en munitie kon aanvoeren. De structuur van dit lijntje is nog steeds zichtbaar in het landschap, maar het spoor zelf is weg. Met behulp van dit lijntje is ook het gebouw Diogenes gebouwd. Nog steeds is de locomotiefloods te zien in de Ritsaertshoeve.

Diogenes
Diogenes was het gebouw waar het eigenlijk om ging. Het was een bunker met een grote zaal in het midden gedeeld door een grote glazen plaat met een afbeelding van Europa. Aan beide kanten was een collegezaal opstelling. Aan de ene kant zaten de zogenaamde “Blitzmädel” (zo genoemd vanwege hun bliksem-embleem op hun uniform) die met schijnwerpertjes aanvliegende vijandelijke vliegtuigen en eigen vliegtuigen aanduidden. Zij kregen die informatie van radarstations aan de kust. De Duitsers hadden toen al een soort Friend or Foe herkenning. De Duitse vliegtuigen hadden al een soort transponder aan boord, waarmee zij zich ter identificatie kenbaar konden maken. Vandaar dat veel luchtslagen al boven de Noordzee werden uitgevochten.
Momenteel is Diogenes een archief van bijvoorbeeld ziekenhuisarchieven. Het dieselaggregaat is nog steeds te zien.

De kop van Deelen
De kop van Deelen ligt wat hoger en was uitermate geschikt voor verkeersleiding en meteo en administratie. Eén gebouwtje herbergt het museum Deelen. aan de andere kant van de weg vindt men nog steeds een gebouw dat als brandweerkazerne nog steeds als zodanig herkenbaar is en men vindt er nog steeds hondenhokken. Op een ander gebouw is met wat fantasie nog steeds het woord Lazaret zichtbaar. Tussen de gebouwen staan veel bomen, maar men denkt eraan het terrein weer terug te brengen naar de situatie in de oorlog: zonder bos.

Groot en Klein Heidekamp
De “Blitzmädel” werden gehuisvest in o.a. gebouwen aan de Koningsweg en in de 7 provinciën (zeven gebouwen). Dit blijken de enige dubbeldeksgebouwen te zijn in Nederland.
Ook deskundigen van de verschillende vliegtuigfabrieken (verbeteren en repareren van de vliegtuigen) werden hier gehuisvest.
De piloten en bemanningen werden ondergebracht in Groot (soort lintbebouwing) en Klein (soort traditionele Veluwse bouwstijl) Heidekamp. Op Groot Heidekamp vind men nog steeds de officiersmess. In veel gebouwen wonen antikrakers. Sommige mensen wonen er al 35 jaar. Defensie wil de gebouwen nu weer terug en de mensen moeten eruit.

Vrijland
Op Vrijland, gelegen binnen de hekken van het huidige Militaire Luchtvaartterrein Deelen, lagen de technische komplexen van het vliegveld. In één van die gebouwen, gebouw 7, vinden nu onze lezingen en bijeenkomsten plaats. Ook staat er nog een in originele staat verkerende Junkerhalle. Vliegtuigen werden met klinknagels bij elkaar gehouden maar dit gebouw ook. Alles is nog compleet op dit deel van het terrein. Nog steeds vindt men er het originele lanenstelsel, het parachutegebouw met droogtorentje, het radioreparatiegebouw, het motorenschoonmaakgebouw. In het huidige veteranenbos vindt men nog de grote betonnen ronde plaat waar men de vliegtuigen op plaatste om de compassen te callibreren. Even buiten de hekken ligt het missiehuis Vrijland. Oorspronkelijk diende dit gebouw als opleidingsgebouw voor de missie. In 1941 zijn de paters naar Oosterbeek verhuisd en werd het de woonstede van de commandant van Fliegerhorst Deelen. Bijzonder is dat dit gebouw nu het enige kerkgebouw is dat in het bezit van Defensie is.
Overal rond het huidige MLT vindt men verbindingsbunkers, wateropvangreservoirs, start- en taxibanen, Flakbunkertjes, opstelgebieden voor vliegtuigen, warme en koude hallen (zien uit als boerderijen), alarmhallen bij de startbanen, garages en bouwopslag.

jvg_dhr._d._veerman.jpg
Op het eind van de interessante lezing konden de leden bij
dhr. Veerman nog zijn door hem gesigneerde boek kopen.


JVG